Reflectie en zelfadvies herzien

Op Helen Parkhurst wordt door alle leerlingen gereflecteerd: na een periode van 6 of 12 weken kijken zij terug op hun leerproces. Ook geven alle leerlingen zichzelf 2 maal per jaar een zelfadvies. Deze instrumenten zijn met ingang van deze periode veranderd. Hoe die veranderingen eruit zien, leest u hieronder.

Ons onderwijs is voortdurend in beweging. Waren wij enkele jaren geleden nog bezig met het vervangen van de zogeheten krijtborden door witte schoolborden, nu is het aantal digiborden en beamers dat in de school aanwezig is bijna net zo groot als die “whiteboards”. En niet alleen het meubilair verandert. Ook de manier waarop wij tegen ons onderwijssysteem aankijken is voortdurend aan verandering onderhevig.  Het doel dat wij als school nastreven, verandert echter niet: leerlingen opleiden tot zelfstandige mensen met een diploma dat bij hen past.

Ook de veranderingen in ons systeem van reflectie en zelfadvies streven dat doel na. Hieronder het systeem in kleine stukjes met daarbij een toelichting. Sommige delen zullen u heel bekend voorkomen, omdat ze ongeveer zo blijven als ze waren. Andere delen zijn nieuw of deels veranderd.

Wat hieronder beschreven staat, geldt voor onderbouw en bovenbouw.

1. Leerlingen reflecteren gedurende de hele periode op “betekenisvolle momenten”

Tot op heden was het zo dat leerlingen (in de onderbouw frequenter dan in de bovenbouw) een periode afsloten met een zogeheten eindreflectie. In één van de laatste lessen van een periode werd aan alle leerlingen op hetzelfde moment gevraagd om iets op te schrijven over die periode. Die mogelijkheid is er nog steeds. Een vakdocent kan aan een groep leerlingen, of aan een hele klas vragen om op een bepaald moment iets in hun leerlijnen te schrijven over een toets, een instructie of iets anders. Daarnaast gaan wij ons meer richten op betekenisvolle leermomenten.

 Zodra de leerling zelf, een vakdocent of een mentor merkt dat er een bijzonder (betekenisvol) leermoment plaatsvindt, kan die leerling zijn of haar leerlijnen erbij pakken en iets opschrijven over dat moment. Zo verzamelt de leerling gedurende een periode een weerslag van zijn betekenisvolle momenten.

2. Vakdocenten kunnen reageren op de vakreflecties van leerlingen.

Een leerling kan op elk moment in een periode naar een vakdocent gaan om te vragen om een reactie op dat wat hij of zij in de leerlijn heeft opgeschreven. Die reactie kan mondeling zijn, het kan ook zijn dat de vakdocent besluit om iets op te schrijven. Zo’n geschreven reactie is niet meer vanzelfsprekend. De leerlijnen zijn eigendom van de leerling en blijven de hele periode in het bezit van de leerling.

3. Aan het eind van een periode verzamelt de leerling zijn reflecties in een “vakoverstijgende reflectie”.

De mentor besluit samen met de klas hoe die vakoverstijgende reflectie vorm krijgt. Voorlopig zijn mentoren vrij om daar hun eigen manier voor te vinden. Doel van de vakoverstijgende reflectie is dat leerlingen verbanden gaan zien tussen verschillende ervaringen (bij verschillende vakken). Doel is ook dat leerlingen een duidelijk inzicht krijgen in hun kunnen. Daardoor kunnen de leerlingen zichzelf een goed advies geven als het gaat om het vervolg van hun schoolcarrière.

De mentoren reageren op de vakoverstijgende reflectie. Soms zal dat zijn in de vorm van commentaar. Een andere keer in de vorm van verhelderende vragen. Ook is het mogelijk dat de leerling op basis van zijn of haar reflectie wordt uitgenodigd voor een mentorgesprek. 

4. Elke leerling (klas 1 tot en met 6) geeft zichzelf 2x per jaar een zelfadvies.

Wij vinden het belangrijk dat leerlingen gedurende hun gehele schoolloopbaan blijven nadenken over de stappen die zij zetten. Het zelfadvies is het instrument dat daarvoor gebruikt wordt. Het zelfadvies is gebaseerd op behaalde resultaten en de vakoverstijgende reflectie en geeft een realistisch beeld.

Afhankelijk van het niveau bepaalt de leerling met het zelfadvies in klas 2 en 3 meteen ook de richting van zijn schoolloopbaan: tl, havo of vwo.

De zelfadviezen in klas 1 en 2hv zijn vooral bedoeld om steeds weer te ontdekken wat er nodig is om het gewenste niveau te kunnen halen. De zelfadviezen in de bovenbouw hebben een zelfde soort functie. Het zijn controle momenten waarop leerlingen aangeven hoe zij tegen hun eigen functioneren op school aankijken en waarop de vakdocenten kunnen reageren.

De vakoverstijgende reflectie vormt, samen met de resultaten die een leerling in een bepaalde periode heeft gehaald, de onderbouwing van het zelfadvies.

5. Aan het eind van een periode gaan de leerlijnen met reflectie-aantekeningen (van de verschillende betekenisvolle momenten) en de vakoverstijgende reflectie mee naar huis. 2 maal per jaar, medio december en medio april komt daar het zelfadvies bij.

 U krijgt dus in het vervolg het hele pakket thuis, nog voordat daarop gereageerd is door de mentor. Op die manier kunt u met uw kind het gesprek aangaan en uw idee over de manier van werken van uw kind bespreken. In overleg kunnen er eventueel veranderingen worden aangebracht in de vakoverstijgende reflectie of het zelfadvies.

6. Mentoren reageren op het zelfadvies van de leerling en daarmee op de vakoverstijgende reflectie.

Wanneer de leerlingen vervolgens hun documenten inleveren bij de mentoren, zullen die reageren op de vakoverstijgende reflectie.

Twee maal per jaar komen de vakdocenten bijeen om zich uit te spreken over het zelfadvies. Ook daarop volgt een uitgebreide reactie van de mentoren.

7. Het zelfadvies en de bijbehorende reactie van de mentor gaat opnieuw mee naar huis.

Wanneer de docentenvergadering het eens is met het zelfadvies, dan kan de leerling zijn weg vervolgen zoals hij van plan was. Wanneer de docentenvergadering het oneens is met het zelfadvies wordt, op basis van de vakoverstijgende reflectie, het zelfadvies en de uitspraak van de vergadering, door de leerling een plan gemaakt. Ook vindt er een gesprek met leerling en ouders plaats (LOS-gesprek). Met dit nieuwe plan is het cirkeltje rond en begint de leerling weer bij punt 1.

Vaak gestelde vragen

De vakdocenten schrijven hun bevindingen niet meer op de leerlijn van mijn kind. Hoe weet ik nu of mijn kind de juiste dingen opschrijft?

Reflecteren is een proces van terugkijken op een periode of een ervaring. Het geeft altijd weer hoe uw kind tegen bepaalde zaken aan kijkt. Daarin kunnen meningsverschillen zijn tussen uw kind en de docent, maar echte “fouten” zijn er niet. Het beeld dat uw kind van zijn functioneren heeft, komt overeen met de resultaten die uw kind voor de verschillende vakken heeft gehaald. Mochten de verschillen tussen de resultaten en de beelden groot zijn, dan is het raadzaam een gesprek met uw kind aan te gaan.

Gedurende hun schoolloopbaan leren wij leerlingen steeds kritischer en realistischer naar zichzelf te kijken. Dat is niet voor iedere leerling even gemakkelijk. Een beeld van jezelf neerzetten en vervolgens ontdekken dat anderen heel anders tegen je aankijken, hoort daarbij.

De vakoverstijgende reflectie is een soort samenvatting van de verschillende vakreflecties. Als de beelden die de mentoren van uw kind hebben niet kloppen met wat uw kind opschrijft, dan zullen zij daar opmerkingen over maken.

Ik ben het absoluut niet eens met wat mijn kind heeft opgeschreven. Wat nu?

In eerste instantie kunt u het beste het gesprek met uw kind aangaan. De reflecties geven een beeld van hoe uw kind aankijkt tegen de afgelopen periode. Het is raadzaam om te vragen naar concrete voorbeelden en daar ook uw beeld naast te leggen. Wanneer uw kind iets herkent van uw twijfels, dan is het mogelijk om aanvullingen op de leerlijnen of de vakoverstijgende reflectie te schrijven.

Blijven de verschillen van mening groot? Neemt u dan svp contact op met de mentor(en) van uw kind.

Mijn kind zit in het eindexamenjaar een heeft al gekozen voor een studie. Waarom moet er ook in dit jaar nog een zelfadvies worden ingevuld?

Ook in het eindexamenjaar zijn leerlingen bezig om te onderzoeken welke vervolgstappen het beste bij hun passen. Dat kan gaan over een vervolgopleiding, maar ook over het komende examen. Het zelfadvies in december is een check: heb ik alles in huis wat ik nodig heb om straks zorgeloos mijn examen in te gaan? Hoe zie ik mijn loopbaan na het examen? Waar zitten de knelpunten?

Het advies in april wordt nog onderzocht. Voor veel leerlingen is het een waardevolle laatste check gebleken. Anderen geven aan dat het te laat is om nog iets te kunnen veranderen. Voorlopig handhaven wij dit zelfadvies.

De resultaten worden niet langer door de vakdocenten op de leerlijnen gezet. Hoe weet ik nu welke resultaten mijn kind heeft behaald?

Wij verwachten van alle leerlingen dat zij hun resultaten zelf bijhouden (op hun leerlijnen of in hun agenda’s) en dat zij aan het eind van een periode ongeveer weten hoe zij ervoor staan.

De informatie die u en uw kind op de webportal kunnen vinden, vormt daarop een aanvulling.